Enige tijd geleden stond ik in België aan een zaal marketeers uit te leggen hoe je goede content maakt. Een paar weken daarvóór legde ik een zaal vol PR- en communicatiespecialisten uit wat goede content is. En nog eerder stond ik ook al voor een zaal met marketingmensen te oreren over de eigenschappen van goede online content. Ik klets wat af.

    Tijdens dit soort sessies kom ik heel af en toe een verdwaalde tekstschrijver tegen. En dan bedoel ik niet iemand die toevallig de functietitel webredacteur draagt of iemand die ‘wel eens teksten schrijft’, maar dan bedoel ik èchte tekstschrijvers: mensen voor wie het schrijven van effectieve teksten hun expertise is. Mensen die punten en komma’s tot hun beroep hebben gemaakt en die regelmatig de site van taaladvies erbij pakken voor wat ze in het Groene boekje niet direct kunnen vinden. Professionals die de rol van teksten kunnen plaatsen en wegen binnen een website of andere webproductie.

    Die mensen kom ik maar weinig tegen waar het gaat over content.

    Matig

    Waarom? Waarom is er een hele bak met mensen die géén tekstschrijver zijn, maar die wel het web vullen met hun – vaak matige – teksten? Een heleboel mensen die ik keer op keer weer moet vertellen dat je schrijft voor je doelgroep, dat je teksten een doel moeten dienen en dat een goede kop eindeloos belangrijk is. Mensen die dan hun notitieblokje pakken om dat te noteren, alsof het nieuws is.

    Misschien ligt het aan mij. Misschien heb ik een beperkte blik op het wereldje van tekstuele content (want content bestaat natuurlijk niet alleen uit tekst) en zit ik zelf teveel in het marketingwereldje. Misschien is dát het. Maar ik heb steeds vaker het vermoeden dat tekstschrijvers zich – in een tijd dat tekst belangrijker is dan ooit – door marketeers en communicatiemensen de kaas van het brood laten eten.

    Captain obvious

    U zou superhelden moeten zijn. Content is King en jullie kennen zijn koninkrijk als geen ander. Maar dat is helemaal het geval niet. Sterker nog: veel bedrijven zien de tekstschrijver/webredacteur/copywriter als een overbodige kostenpost. Te duur voor wat hij oplevert en gemakkelijk te vervangen door een marketeer die ‘ook wel leuk schrijft’. In plaats van als investering in kwaliteit, maar vooral effectiviteit. Content kan dan wel king zijn, maar alleen goede content is King met een hoofdletter. Mijn vader repareert ook wel eens wat, maar om hem nou in te huren als elektricien is vragen om problemen. Investeren in iemand die het strijkijzer kan repareren zonder dat de vlammen eruit slaan, is niet alleen slim maar ook een stuk veiliger.

    Marketing: wapperend machtsvertoon

    Clark Kent en Superman zijn een en dezelfde persoon. Clark is net zo sterk met zijn bril op als in zijn blauw maillot. Maar wat Superman beter doet dan Kent is één simpel ding: marketing. Hij heeft zijn rode cape niet nodig om te vliegen, maar hij ziet er wel veel gaver uit wanneer hij voorbijvliegt met dat wapperende teken van macht om zijn schouders.

    Tekstschrijvers kunnen nog wat leren van Superman (en andere indrukwekkende superhelden). Ja, jullie zijn beter in het schrijven van effectieve teksten! Ook online. Maar als je dat niet weet te marketen, ben je een sul met een iets te grote bril die nooit de leuke opdrachten krijgt. Je plek krijgen, is je plek grijpen en dat begrijpen marketeers wel (da’s ook hun werk) en tekstschrijvers veel minder.

    Kaas

    En hoewel je titel veranderen van tekstschrijver naar content strateeg een goede zet lijkt in dat kader – zoals de naam Clark Kent minder indrukwekkend is dan Superman – is het dat niet. Dat holt het beroep van tekstschrijver alleen maar verder uit. Pak de titel tekstschrijver weer terug en laad die met de kracht, spierballen en inhoud die het verdient. Zelf lust ik geen kaas, maar het zou me niet gebeuren dat iemand die van mijn brood jat. Dat is Mijn brood!

    [template id=”3039″]